Project Windrichtingen
Hoe het ontstond
Het project Windrichtingen ontstond nadat ik hoorde dat wind en oriëntatie mogelijk invloed hebben op het vinden van micrometeorieten. Er werd gesuggereerd dat dakgoten die op het noorden en oosten liggen meer micrometeorieten zouden kunnen opvangen dan andere richtingen.
Dat idee bleef hangen. Want als dit klopt, betekent het dat niet alleen de plek waar je zoekt belangrijk is, maar ook de richting waarin een oppervlak ligt.
Het onderzoek
Om dit te onderzoeken ben ik naar een Ronddeel boerderij in Ewijk gegaan. Deze locatie was ideaal. Het gebouw lag midden in de weilanden, zonder directe invloed van bomen of obstakels die extra vervuiling konden veroorzaken.
Ik kreeg daar de mogelijkheid om de dakgoten van het grote ronde dak te onderzoeken.
Bij dit onderzoek heb ik heel bewust gewerkt met de vier windrichtingen:
- Noord
- Oost
- Zuid
- West
Het materiaal uit de goten heb ik per windrichting apart gehouden. Vervolgens heb ik al het verzamelde materiaal op dezelfde manier verwerkt, waarbij ik het magnetische materiaal uit elke richting afzonderlijk heb geïsoleerd.
Zo ontstonden er vier aparte monsters:
- één voor het noorden
- één voor het oosten
- één voor het zuiden
- één voor het westen
Het resultaat
Uit het onderzoek bleek een duidelijk verschil.
In de monsters uit de noordelijke en oostelijke goten werden meer micrometeorieten gevonden dan in de monsters uit het zuiden en westen.
Dit bevestigt dat windrichting en ligging van een dak invloed kunnen hebben op waar micrometeorieten zich ophopen.
Wat dit project laat zien
Project Windrichtingen laat zien dat het zoeken naar micrometeorieten niet alleen draait om waar je kijkt, maar ook om hoe natuurlijke invloeden zoals wind en richting een rol spelen.
Kort samengevat:
– Dakgoten op het noorden en oosten geven een grotere kans op het vinden van micrometeorieten
– Dakgoten op het zuiden en westen lijken minder materiaal vast te houden
Een belangrijke kanttekening hierbij is de afwatering van de goot. Wanneer water goed wegloopt, kunnen veel deeltjes – inclusief micrometeorieten – worden weggespoeld. Een lichte ophoping of minder efficiënte afwatering kan juist helpen om materiaal vast te houden.
Waarom dit belangrijk is
Dit project geeft een nieuwe laag aan het zoeken naar micrometeorieten:
- Het helpt bij het gerichter kiezen van zoeklocaties
- Het vergroot de kans op succes
- En het laat zien hoe natuurlijke factoren zoals wind invloed hebben op wat uiteindelijk op aarde wordt teruggevonden
Project Windrichtingen vormt daarmee een waardevolle aanvulling op het begrijpen van de verspreiding van micrometeorieten.
Voetnote:
- Een belangrijke kanttekening is dat ik dit onderzoek op exact dezelfde manier nogmaals wilde doen met tussenkomst van 1 jaar. Helaas maakte de herhalende vogelgriep epidemie een herhaling onmogelijk, want de eigenaren moesten eerder en onverwacht onderhoud voeren aan de goten.
- Vanwege de vogelgriep heb ik nog meer bedachtzaam en zonder verspilling gewerkt, want niet per definitie efficiënter was. Echter is mijn motto altijd geweest dan eigenaren nooit hinder mogen ondervinden van mijn aanwezigheid op welke wijze dan ook.
Aanvulling: invloed van het Nederlandse weer
De uitkomst van dit onderzoek lijkt goed te verklaren door het Nederlandse weer en de overheersende windrichtingen.
In Nederland komt de wind namelijk het vaakst uit de zuidwestelijke hoek. Deze wind brengt vochtige lucht vanaf de Noordzee het land in en beweegt zich vervolgens richting het noorden en oosten.
Wat er dan gebeurt, is het volgende:
- De wind voert stofdeeltjes en mogelijk ook micrometeorieten mee
- Deze deeltjes worden over daken en oppervlakken verplaatst
- Aan de noord- en oostzijde van gebouwen ontstaat vaker een zone waar materiaal tot rust komt en zich kan ophopen
Daarnaast spelen ook deze factoren een rol:
– Vocht en neerslag
De west- en zuidzijde van een gebouw krijgen vaak de meeste regen en wind direct te verwerken. Hierdoor worden deeltjes sneller weggespoeld.
– Beschutting en ophoping
De noord- en oostzijde liggen vaker iets meer in de “luwte”, waardoor materiaal daar juist blijft liggen.
– Langzamere droging
De noordzijde krijgt minder zon, blijft langer vochtig en kan daardoor beter fijne deeltjes vasthouden.
Wat betekent dit voor het zoeken?
Deze combinatie van factoren maakt dat:
- Dakgoten op het noorden en oosten een grotere kans hebben om micrometeorieten vast te houden
- Dakgoten op het zuiden en westen vaker “schoner” zijn door wind en regen
Samenvattend inzicht
De relatie tussen windrichtingen en het vinden van micrometeorieten lijkt dus niet toevallig, maar hangt samen met:
- de overheersende windrichting in Nederland
- de invloed van regen en vocht
- en de manier waarop materiaal zich verplaatst en ophoopt
Dit maakt windrichting een belangrijke factor om mee te nemen bij toekomstig onderzoek naar micrometeorieten.


